Birdby LogoBirdby
Roodborst (Erithacus rubecula)

Roodborst

Least Concern

Erithacus rubecula

Vogel gezien? Identificeer hem direct met de Birdby-app

App openen

Over de soort

De Roodborst (Erithacus rubecula) is een kleine, gedrongen zangvogel die bekend staat om zijn opvallende oranjerode borst en gezicht. Het is een algemene en geliefde tuinvogel in Europa, vaak te zien in de nabijheid van mensen. Ze zijn territoriaal en zingen het hele jaar door, zelfs in de winter.

Grootte en levensduur

Lengte
12.5-14 cm
Spanwijdte
20-22 cm
Gewicht
16-22 g
Levensduur
Gemiddeld 2-3 jaar in het wild, maximaal 11 jaar
Voedsel
Insectivoor (voornamelijk), Omnivoor

Fysieke kenmerken

Verenkleed
Volwassen vogels hebben een helder oranjerode borst, keel en gezicht, afgezet met een grijze band aan de zijkanten van de nek en borst. De bovendelen zijn olijfbruin, de buik is witachtig. De flanken zijn lichtbruin getint.
Snavelvorm
Fijne, puntige snavel, donkerbruin tot zwart van kleur, geschikt voor het vangen van insecten.
Oogkleur
Grote, donkere ogen die een zachte uitdrukking geven.
Pootkleur
Dunne, bruinachtige poten.
Onderscheidende kenmerken
De meest kenmerkende eigenschap is de oranjerode borst en gezicht. De grote donkere ogen en de rechtopstaande houding zijn ook opvallend.
Uiterlijk jongen
Juveniele Roodborsten hebben een gevlekt bruin verenkleed over het hele lichaam, zonder de kenmerkende oranjerode borst. Ze ontwikkelen hun rode borst geleidelijk na de eerste rui, meestal in de late zomer of herfst.
Seizoensveranderingen
Geen significante seizoensgebonden veranderingen in het verenkleed. De intensiteit van de rode kleur kan variëren, maar dit is niet direct gerelateerd aan het seizoen of de broedstatus.
Geslachtsdimorfisme
Geen significant seksueel dimorfisme; mannetjes en vrouwtjes zien er identiek uit.

Hoe herken je

  1. 1

    Kleur van de borst en gezicht

    Let op de heldere oranjerode kleur die zich uitstrekt over de borst, keel en het gezicht. Dit is het meest onderscheidende kenmerk.

  2. 2

    Grootte en vorm

    Een kleine, gedrongen vogel met een relatief grote kop en grote donkere ogen. De houding is vaak rechtopstaand.

  3. 3

    Gedrag

    Zoekt vaak op de grond naar voedsel, met korte hopjes en plotselinge stops. Is relatief tam en benadert mensen vaak in tuinen.

  4. 4

    Zang

    De kenmerkende parelende, melancholische zang is een uitstekend identificatiekenmerk, vooral in de vroege ochtend of late avond.

  5. 5

    Juveniel verenkleed

    Jonge Roodborsten zijn volledig bruin en gevlekt, zonder rood. Dit kan verwarrend zijn, maar let op de typische Roodborst-vorm en het gedrag.

Leefgebied en verspreiding

Biomen
Gematigde bossen, parken, tuinen, heggen, struikgewas, bosranden.
Verspreidingsgebied
Wijdverspreid over Europa, West-Azië en Noord-Afrika. Komt voor van IJsland en de Britse Eilanden in het westen tot West-Siberië in het oosten, en van Scandinavië in het noorden tot Noord-Afrika en de Azoren in het zuiden.
Hoogtebereik
Van zeeniveau tot ongeveer 2000 meter in bergachtige gebieden.
Voorkeursomgevingen
Voorkeur voor gebieden met dichte ondergroei, struiken en bomen, waar ze dekking en voedsel kunnen vinden. Vaak in de nabijheid van menselijke bewoning, zoals tuinen en parken.

Gedrag

Activiteitstijd
Diurnaal, maar kan ook in de schemering actief zijn, vooral tijdens het zingen.
Eetgewoonten
Zoekt voornamelijk op de grond naar insecten, spinnen, wormen en andere ongewervelden. Volgt vaak grote dieren of mensen om verstoorde insecten te vangen. Eet in de herfst en winter ook bessen en zaden. Kan voedsel van voedertafels accepteren.
Sociaal gedrag
Over het algemeen solitair en territoriaal, vooral tijdens het broedseizoen. Buiten het broedseizoen kunnen ze in kleine groepen foerageren, maar blijven ze vaak op afstand van elkaar. Mannetjes verdedigen hun territorium fel, zelfs tegen hun eigen spiegelbeeld.
Vliegpatroon
Korte, snelle vluchten, vaak laag bij de grond tussen struiken. Vliegt zelden over lange afstanden in open terrein.
Trekpatroon
Noordelijke populaties zijn trekvogels en overwinteren in Zuid-Europa en Noord-Afrika. West- en Zuid-Europese populaties zijn standvogels. Nederlandse Roodborsten zijn deels standvogel, deels trekken ze naar het zuiden, terwijl Roodborsten uit Scandinavië en Oost-Europa in Nederland overwinteren.
Territoriaal gedrag
Zeer territoriaal, zowel mannetjes als vrouwtjes verdedigen hun territorium agressief, vooral tijdens het broedseizoen. Ze gebruiken zang en dreighoudingen om indringers te verjagen.

Zang en geluiden

Zang
Een heldere, vloeiende en melancholische zang, vaak omschreven als 'parelend' of 'zilverachtig'. Het begint vaak met een paar hoge, dunne noten, gevolgd door een snelle, gevarieerde reeks trillers en fluittonen. Zingt het hele jaar door, ook in de winter en soms 's nachts onder straatverlichting.
Roep
De meest voorkomende roep is een scherp 'tik' of 'tsik', vaak herhaald. Bij opwinding of alarm kan dit overgaan in een snelle reeks 'tik-tik-tik-tik'.
Wanneer hij roept
Zingt het hele jaar door, met een piek in het broedseizoen (lente) en in de herfst. Kan ook 's nachts zingen, vooral in stedelijke gebieden met kunstlicht.

Voortplanting

Broedseizoen
Maart tot juli, vaak twee broedsels per jaar.
Nestgewoonten
Het nest wordt meestal laag bij de grond gebouwd, goed verborgen in dichte vegetatie, holtes in bomen, onder wortels, in klimop of zelfs in menselijke constructies zoals schuurtjes of bloempotten. Het is een komvormig nest gemaakt van bladeren, mos en gras, bekleed met fijne wortels en haar.
Legselgrootte
Meestal 4-7 eieren.
Eierbeschrijving
4-7 eieren per legsel, witachtig tot lichtgeel van kleur, vaak fijn roodbruin gespikkeld, vooral aan de stompe kant. Grootte: ongeveer 20 x 15 mm.
Broedperiode
12-15 dagen, voornamelijk door het vrouwtje.
Uitvliegperiode
12-15 dagen na het uitkomen verlaten de jongen het nest. Ze worden daarna nog enkele dagen door beide ouders gevoerd.
Ouderlijke zorg
Beide ouders voeren de jongen. Het mannetje blijft vaak het eerste broedsel voeren terwijl het vrouwtje al aan een tweede broedsel begint.

Waar te vinden

Tuinen en parken

Zeer algemeen in stedelijke en voorstedelijke tuinen en parken, vooral waar dichte struiken en bomen aanwezig zijn.

Bossen en bosranden

In loof- en gemengde bossen, vooral in de ondergroei en langs bosranden.

Heggen en struikgewas

Dichte heggen en struikgewas bieden ideale dekking en foerageergebieden.

Veldtips

  1. Luister naar de zang. De Roodborst zingt het hele jaar door, zelfs in de winter. De zang is zeer kenmerkend en helpt bij het lokaliseren van de vogel.
  2. Zoek op de grond. Roodborsten foerageren voornamelijk op de grond. Let op kleine, hoppende bewegingen tussen bladeren en onder struiken.
  3. Wees geduldig en stil. Hoewel ze tam kunnen zijn, zijn ze ook schuw. Rustig blijven en wachten vergroot de kans om ze te zien.
  4. Bied voedsel aan. In tuinen komen Roodborsten vaak af op voedertafels met meelwormen, zaden of vetbollen, vooral in de winter.

Gelijkende soorten

Gekraagde Roodstaart

Phoenicurus phoenicurus

De Gekraagde Roodstaart heeft ook een oranje borst, maar deze is minder uitgebreid en de vogel heeft een zwarte keel en gezicht (mannetje) en een opvallende roodbruine staart die constant trilt. De Roodborst heeft geen zwarte keel en een bruine staart.

Zwarte Roodstaart

Phoenicurus ochruros

De Zwarte Roodstaart is donkerder van kleur, met een roodbruine staart die trilt. Het mannetje is overwegend roetzwart met een oranje onderbuik. Het vrouwtje is grijsbruin. De Roodborst is lichter bruin op de rug en heeft een veel prominentere oranje borst.

Snelle feiten

Opvallend kenmerk:
Oranjerode borst en gezicht
Zang:
Parelend, melancholisch, het hele jaar door
Voedsel:
Insecten, wormen, bessen, zaden
Habitat:
Tuinen, parken, bossen
Territoriaal:
Zeer, zowel mannetjes als vrouwtjes

Leuke weetjes

  • De Roodborst is in Groot-Brittannië verkozen tot nationale vogel.
  • Ze zijn zo territoriaal dat ze soms hun eigen spiegelbeeld aanvallen, denkend dat het een rivaal is.
  • Roodborsten kunnen 's nachts zingen, vooral in stedelijke gebieden waar straatverlichting hen voor de gek houdt dat het dag is.
  • In de winter trekken Roodborsten uit Scandinavië en Oost-Europa naar West-Europa, waaronder Nederland, om te overwinteren.

Wetenschappelijke classificatie

Rijk
Animalia
Stam
Chordata
Klasse
Aves
Orde
Passeriformes
Familie
Muscicapidae
Geslacht
Erithacus
Soort
Erithacus rubecula

Ontdek de Roodborst

Identificeer vogels overal

Gratis op iOS, Android en web. Foto- en geluidsidentificatie, complete soortendatabase en je persoonlijke lijst.

Openen in app