Birdby LogoBirdby
Roodsnavel-leiothrix (Leiothrix lutea)

Roodsnavel-leiothrix

Niet bedreigd (LC - Least Concern)

Leiothrix lutea

Vogel gezien? Identificeer hem direct met de Birdby-app

App openen

Over de soort

De Roodsnavel-leiothrix is een kleine, kleurrijke zangvogel die bekend staat om zijn levendige verenkleed en melodieuze gezang. Oorspronkelijk afkomstig uit Azië, is deze soort door ontsnappingen uit volières lokaal in Europa geïntroduceerd en vestigt hij zich op sommige plaatsen als een exoot.

Grootte en levensduur

Lengte
13-15 cm
Spanwijdte
20-25 cm
Gewicht
16-29 gram
Levensduur
5-10 jaar
Voedsel
Insekten (voornamelijk in het broedseizoen), bessen, fruit, knoppen en nectar.

Fysieke kenmerken

Verenkleed
Volwassen vogels hebben een olijfgroene bovenzijde, een felle gele tot oranje keel en borst die geleidelijk overgaat in een lichtere, olijfachtige onderbuik. Op de vleugels zijn opvallende gele, oranje en rode vlekken te zien. Het voorhoofd is geelachtig.
Snavelvorm
De snavel is opvallend koraalrood, kort, kegelvormig en relatief dik. De snavelpunt is donkerder.
Oogkleur
Donkerbruin met een prominente lichtgele oogring.
Pootkleur
Lichtbruin tot vleeskleurig.
Onderscheidende kenmerken
De helderrode snavel, de gele oogring, de gele tot oranje keel, en de complexe vleugelpatronen met rood, geel en oranje zijn de meest kenmerkende eigenschappen. De olijfgroene rug is ook een goede aanwijzing.
Uiterlijk jongen
Jongen zijn doffer van kleur, missen de felle gele en oranje tinten, en hebben een minder helderrode snavel. De gele oogring is ook minder uitgesproken of afwezig. Ze zijn algemeen bruiner en minder opvallend.
Seizoensveranderingen
Geen significante seizoensgebonden veranderingen in het verenkleed. De kleuren kunnen wel iets doffer worden na een intensief broedseizoen door slijtage van de veren.
Geslachtsdimorfisme
Nauwelijks aanwezig. Mannetjes zijn doorgaans iets helderder van kleur en de rode vleugelvlekken iets intenser, maar dit is moeilijk te zien in het veld.

Hoe herken je

  1. 1

    Snavelkleur

    De helderrode snavel is uniek en direct herkenbaar, zelfs van een afstand.

  2. 2

    Vleugelpatroon

    Let op de combinatie van gele, oranje en rode vlekken op de vleugels. Dit is een onderscheidend kenmerk.

  3. 3

    Oogring

    De prominente lichtgele oogring contrasteert mooi met de donkere ogen en de olijfkleurige kop.

  4. 4

    Zang

    Luister naar de snelle, melodieuze en gevarieerde fluittonen. Het is een zeer kenmerkende en opvallende zang.

  5. 5

    Grootte en Postuur

    Een kleine, compacte vogel met een actieve, schuifelende manier van bewegen in de ondergroei.

Leefgebied en verspreiding

Biomen
Subtropische en tropische vochtige laaglandbossen en montane bossen. In geïntroduceerde gebieden ook in tuinen, parken en dicht begroeide struikgewas.
Verspreidingsgebied
Oorspronkelijk: Himalayagebied (India, Nepal, Bhutan), Zuid-China, Myanmar, Laos, Vietnam. Geïntroduceerd in Japan, Hawaï, en delen van West-Europa (met name Frankrijk, Spanje, België, Nederland en Portugal).
Hoogtebereik
Van laagland tot ongeveer 2500 meter hoogte in de Himalaya.
Voorkeursomgevingen
Dichte ondergroei, struikgewas, bosranden, bamboebossen en theetuinen.

Gedrag

Activiteitstijd
Diurnaal (dagactief). Ze zijn het meest actief in de vroege ochtend en late namiddag.
Eetgewoonten
Foerageert voornamelijk in de dichte ondergroei en in de lagere tot middelste lagen van struiken en bomen. Het dieet bestaat uit een breed scala aan insecten en bessen, waarbij ze vaak behendig door takjes en bladeren bewegen om voedsel te zoeken. Ze kunnen ook nectar uit bloemen slurpen.
Sociaal gedrag
Meestal gezien in kleine groepjes of paartjes, vooral buiten het broedseizoen. Ze vormen vaak gemengde troepen met andere zangvogels. Ze zijn actief en constant in beweging.
Vliegpatroon
Korte, snelle, golvende vlucht wanneer ze van de ene struik naar de andere vliegen. Ze vliegen zelden over open plekken.
Trekpatroon
Overwegend standvogel in zijn oorspronkelijke verspreidingsgebied. Europese populaties zijn ook standvogels met hoogstens lokale verspreiding na loslating of ontsnapping.
Territoriaal gedrag
Territoriaal gedrag tijdens het broedseizoen, waarbij mannetjes hun zang gebruiken om grenzen af te bakenen en indringers te waarschuwen.

Zang en geluiden

Zang
De zang is een complexe, gevarieerde en melodieuze reeks fluittonen, trillers en rollende klanken. Het is een snelle, vrolijke en vrij luide zang, vaak beschreven als 'twee-dlie-dlie-dlie' of 'pi-ti-pi-ti-pi-tu-tew'. Het klinkt als een opgewekte merel, maar sneller en hoger van toon.
Roep
Diverse roepen, waaronder een scherp 'tsik' of 'zit', een metalig 'tiink', en contactroepjes tijdens het foerageren. Alarmroep is een scherp 'tack-tack-tack'.
Wanneer hij roept
Voornamelijk tijdens het broedseizoen, maar roepen kunnen het hele jaar door gehoord worden, vooral in groepen.

Voortplanting

Broedseizoen
Mei tot juli in Europa; varieert lokaal in Azië, vaak maart tot augustus.
Nestgewoonten
Bouwt een komvormig nest van fijne grassen, mos, wortels en spinnenwebben, vaak verstopt in dichte struiken of bamboestruiken, meestal dicht bij de grond (minder dan 2 meter hoog).
Legselgrootte
Meestal 2-4 eieren per legsel. Vaak 2 legsels per jaar.
Eierbeschrijving
2-4 eieren, ongeveer 18-20 mm groot, lichtblauw of groenachtig blauw, soms met fijne roodbruine vlekjes.
Broedperiode
12-14 dagen, voornamelijk door het vrouwtje, soms afgelost door het mannetje.
Uitvliegperiode
Jongen verlaten het nest na 12-15 dagen, maar worden daarna nog enkele weken gevoerd door beide ouders.
Ouderlijke zorg
Beide ouders nemen deel aan de bouw van het nest, het broeden en het voeren van de jongen. Ze zijn zeer zorgzaam en beschermend.

Waar te vinden

Dichte struikgewassen

Zoek in dichte, vaak doornige struiken, braamstruiken en andere ondoordringbare vegetatie, vooral aan bosranden of in vochtige gebieden.

Tuinen en parken

In geïntroduceerde gebieden zijn ze vaak te vinden in grote, overwoekerde tuinen en stadsparken met veel ondergroei en bosjes.

Bamboe-bossen

In zijn oorspronkelijke leefgebied is bamboe een favoriete plek voor foerageren en nestelen.

Voederplaatsen

Soms komen ze in de winter op voederplaatsen, vooral als er bessen of zaden worden aangeboden.

Veldtips

  1. Luister goed. Hun zang is vaak het eerste wat opvalt en verraadt hun aanwezigheid, vooral tijdens het broedseizoen.
  2. Wees geduldig en stil. Ze zijn schuw en blijven vaak verborgen. Blijf stil, observeer een dicht begroeide plek en wacht tot ze tevoorschijn komen.
  3. Vroege ochtend of late namiddag. Dit zijn de meest actieve periodes van de dag waarin ze foerageren en zingen.
  4. Controleer geïntroduceerde populaties. In Europa, bekende gebieden met gevestigde populaties (bijv. Zuid-Frankrijk, Galicië in Spanje) zijn de beste plekken om ze te vinden.

Gelijkende soorten

Zilveroor-leiothrix

Leiothrix argentauris

De Zilveroor-leiothrix heeft opvallende zilverkleurige oorvlekken, een diepgele borst en een oranjerode stuit en staartwortel. De Roodsnavel-leiothrix heeft geen zilverkleurige oorvlekken en een andere kleurverdeling op de borst en stuit.

Chinese nachtegaal (Garrulax canorus)

Garrulax canorus

De Chinese nachtegaal is groter, over het algemeen bruiner van kleur zonder de felle gele en oranje tinten, en mist de kenmerkende rode snavel en gele oogring van de Roodsnavel-leiothrix.

Snelle feiten

Bijzondere Snavel:
De roodsnavel-leiothrix dankt zijn naam aan zijn opvallende koraalrode snavel.
Exotische Introductie:
Is in verschillende delen van de wereld, waaronder Europa, geïntroduceerd door ontsnapte volièrevogels.
Melodieuze Zang:
Bekend om zijn rijke en complexe zang, soms vergeleken met een merel of een lijster.
Groepsgedrag:
Vaak te vinden in kleine groepen, vooral buiten het broedseizoen.

Leuke weetjes

  • Door zijn mooie zang en kleuren is de roodsnavel-leiothrix populair als volièrevogel, wat heeft geleid tot zijn introductie in het wild op nieuwe continenten.
  • In Hawaï, waar de soort al in 1918 werd geïntroduceerd, heeft de roodsnavel-leiothrix zich zo succesvol gevestigd dat het nu een van de meest algemene exotische vogels is op de eilanden.
  • Ondanks zijn exotische status in Europa, wordt de soort door zijn relatief kleine populaties in het wild nog niet als een invasief probleem beschouwd in de meeste Europese landen.

Wetenschappelijke classificatie

Rijk
Animalia
Stam
Chordata
Klasse
Aves
Orde
Passeriformes
Familie
Leiothrichidae
Geslacht
Leiothrix
Soort
Leiothrix lutea

Ontdek de Roodsnavel-leiothrix

Identificeer vogels overal

Gratis op iOS, Android en web. Foto- en geluidsidentificatie, complete soortendatabase en je persoonlijke lijst.

Openen in app