Vogel gezien? Identificeer hem direct met de Birdby-app
App openenOver de soort
De Kalijfazant is een middelgrote fazantensoort die bekend staat om zijn opvallende seksuele dimorfisme. Mannetjes zijn over het algemeen donkerder en glanzender dan de meer ingetogen gekleurde vrouwtjes. Ze zijn inheems in de bossen en struikgewassen van Zuid- en Zuidoost-Azië, maar zijn op sommige plaatsen geïntroduceerd, waaronder in delen van Europa en Noord-Amerika. Het zijn schuwe vogels die voornamelijk op de grond foerageren.
Grootte en levensduur
- Lengte
- 63-74 cm (man), 50-60 cm (vrouw)
- Spanwijdte
- Ongeveer 65-85 cm
- Gewicht
- 640-1400 g (man), 500-1000 g (vrouw)
- Levensduur
- Ongeveer 10-15 jaar in het wild
- Voedsel
- Omnivoor (zaden, bessen, insecten, wormen, kleine reptielen)
Fysieke kenmerken
- Verenkleed
- Mannetjes hebben een glanzend blauwzwart tot paarszwart verenkleed met een opvallende kuif en rode naakte huid rond de ogen. De kleur van de onderrug en stuit varieert per ondersoort, van wit tot blauwzwart. Vrouwtjes zijn over het algemeen bruinachtig met fijne donkere strepen en een kortere kuif.
- Snavelvorm
- Korte, stevige, licht gebogen snavel, meestal hoornkleurig tot grijsachtig.
- Oogkleur
- Donkerbruin.
- Pootkleur
- Grijs tot grijsbruin, met sporen bij de mannetjes.
- Onderscheidende kenmerken
- De rode naakte huid rond de ogen bij beide geslachten, maar prominenter bij het mannetje. De kuif is ook een kenmerkend detail. De variatie in de kleur van de onderrug bij mannetjes is belangrijk voor ondersoortidentificatie.
- Uiterlijk jongen
- Juvenielen lijken op de vrouwtjes, maar zijn doffer van kleur en hebben minder ontwikkelde gezichtskenmerken. Jonge mannetjes ontwikkelen geleidelijk hun volwassen verenkleed in het eerste levensjaar.
- Seizoensveranderingen
- Geen significante seizoensgebonden veranderingen in het verenkleed. Het verenkleed blijft het hele jaar door hetzelfde.
- Geslachtsdimorfisme
- Zeer uitgesproken. Mannetjes zijn groter, hebben een glanzend donker verenkleed, een langere kuif, en opvallende rode gezichtshuid. Vrouwtjes zijn kleiner, bruin gekleurd en minder opvallend.
Hoe herken je
- 1
Grootte en vorm
Middelgrote, stevig gebouwde fazant met een relatief lange staart en een compact lichaam.
- 2
Verenkleed mannetje
Let op het glanzende blauwzwarte tot paarszwarte lichaam, de opvallende kuif en de helderrode naakte huid rond de ogen. De kleur van de onderrug kan variëren van wit tot donker, afhankelijk van de ondersoort.
- 3
Verenkleed vrouwtje
Bruinachtig verenkleed met fijne donkere strepen, minder opvallende kuif en minder prominente rode gezichtshuid dan het mannetje.
- 4
Gedrag
Zoek naar vogels die op de grond foerageren in dichte vegetatie. Ze zijn schuw en zullen bij verstoring snel wegrennen of kort opvliegen.
- 5
Geluid
Luister naar de luide, herhaalde 'kok-kok-kok' roep van het mannetje, vooral in het broedseizoen.
Leefgebied en verspreiding
- Biomen
- Subtropische en tropische vochtige laaglandbossen, subtropische en tropische vochtige bergbossen, struikgewas, bosranden.
- Verspreidingsgebied
- Inheems in de Himalaya-regio van India, Nepal, Bhutan, Bangladesh, Myanmar, Thailand en China. Geïntroduceerd in verschillende delen van de wereld, waaronder Europa en de Verenigde Staten.
- Hoogtebereik
- Van zeeniveau tot ongeveer 3700 meter, afhankelijk van de regio.
- Voorkeursomgevingen
- Dichte ondergroei, bamboebossen, struikgewas en bosranden, vaak in de buurt van waterbronnen. Ze geven de voorkeur aan gebieden met voldoende dekking om te schuilen en te foerageren.
Gedrag
- Activiteitstijd
- Diurnaal (dagactief), voornamelijk actief in de vroege ochtend en late namiddag.
- Eetgewoonten
- Foerageert voornamelijk op de grond, scharrelend tussen bladafval en ondergroei. Het dieet bestaat uit zaden, bessen, wortels, knollen, insecten, wormen en soms kleine reptielen of amfibieën.
- Sociaal gedrag
- Over het algemeen solitair of in kleine groepen, bestaande uit een mannetje en één of meerdere vrouwtjes met hun jongen. Mannetjes kunnen territoriaal zijn tijdens het broedseizoen.
- Vliegpatroon
- Vliegt zelden en dan meestal over korte afstanden, laag bij de grond, met snelle vleugelslagen. Geeft de voorkeur aan rennen en schuilen in dichte vegetatie bij verstoring.
- Trekpatroon
- Standvogel; vertoont geen migratiegedrag. Blijft het hele jaar door in hetzelfde leefgebied.
- Territoriaal gedrag
- Mannetjes zijn territoriaal tijdens het broedseizoen en verdedigen hun territorium tegen andere mannetjes met vocale uitingen en soms fysieke confrontaties.
Zang en geluiden
- Zang
- De 'zang' van de Kalijfazant is geen melodieuze zang zoals bij zangvogels, maar eerder een reeks roepen. Mannetjes produceren een luid, herhaald 'kok-kok-kok' of 'chick-chick-chick' tijdens het broedseizoen om vrouwtjes aan te trekken en rivalen af te schrikken.
- Roep
- Diverse contactroepen, alarmroepen en voedselroepen. Een veelvoorkomende alarmroep is een scherp 'krr-krr-krr' of een fluitend geluid bij verstoring. Vrouwtjes produceren zachtere, klokkende geluiden.
- Wanneer hij roept
- Voornamelijk in de vroege ochtend en late namiddag, vooral tijdens het broedseizoen.
Voortplanting
- Broedseizoen
- Maart tot juni, afhankelijk van de geografische locatie.
- Nestgewoonten
- Het nest is een ondiepe kuil op de grond, vaak verborgen onder dichte vegetatie, struiken of boomwortels. Het wordt bekleed met bladeren, gras en takjes.
- Legselgrootte
- 6-15 eieren, meestal 9-12.
- Eierbeschrijving
- Eieren zijn ovaal, lichtbruin tot crèmekleurig, soms met fijne donkere vlekjes. Gemiddelde grootte is ongeveer 45 x 35 mm.
- Broedperiode
- 20-22 dagen, uitsluitend door het vrouwtje.
- Uitvliegperiode
- Kuikens zijn nestvlieders en verlaten het nest kort na het uitkomen. Ze kunnen na ongeveer 10-14 dagen korte vluchten maken en zijn na enkele weken volledig zelfstandig, hoewel ze langer bij de moeder blijven.
- Ouderlijke zorg
- Alleen het vrouwtje broedt en zorgt voor de kuikens. Het mannetje speelt geen rol in de opvoeding van de jongen.
Waar te vinden
Oorspronkelijk verspreidingsgebied
De Kalijfazant is inheems in de Himalaya-regio van India, Nepal, Bhutan, Bangladesh, Myanmar, Thailand en China. Hier zijn ze te vinden in bosrijke gebieden met dichte ondergroei.
Geïntroduceerde populaties (algemeen)
Er zijn geïntroduceerde populaties in verschillende delen van de wereld, waaronder in de Verenigde Staten (bijv. Hawaï) en in sommige Europese landen, vaak in parken, landgoederen of ontsnapte populaties.
Regionale context (Nederland, West Betuwe)
De Kalijfazant is GEEN inheemse vogelsoort in Nederland. Waarnemingen in Nederland, zoals bij West Betuwe, Gelderland, betreffen vrijwel zeker ontsnapte of uitgezette exemplaren uit volières of particuliere collecties. Er zijn geen bekende wilde, zelfstandige populaties van Kalijfazanten in Nederland. De kans om deze soort in het wild aan te treffen is zeer klein en beperkt tot de directe omgeving van waar ze ontsnapt zijn. Er zijn geen specifieke 'vindplaatsen' in Nederland waar deze soort regelmatig in het wild wordt waargenomen.
Veldtips
- Locatie. In Nederland is de kans om een Kalijfazant te zien zeer klein en beperkt tot ontsnapte vogels. Zoek in de directe omgeving van (voormalige) volières of landgoederen waar exotische vogels worden gehouden. In hun natuurlijke verspreidingsgebied, zoek in dichte bosranden en struikgewas.
- Tijdstip. De vroege ochtend en late namiddag zijn de beste tijden om ze te spotten, wanneer ze actief foerageren.
- Geduld en stilte. Kalijfazanten zijn schuw. Blijf stil en beweeg langzaam. Gebruik een verrekijker om ze van een afstand te observeren zonder ze te verstoren.
- Geluid. Luister naar hun roepen, vooral de 'kok-kok-kok' van het mannetje, wat kan helpen bij het lokaliseren van de vogel in dichte vegetatie.
- Sporen. Let op sporen van scharrelen in bladafval op de bosbodem, wat kan duiden op hun aanwezigheid.
Gelijkende soorten
Zilverfazant
Lophura nycthemera
De Zilverfazant is groter en heeft een opvallend wit verenkleed met zwarte strepen bij het mannetje, in tegenstelling tot het donkere verenkleed van de Kalijfazant. Vrouwtjes van de Zilverfazant zijn ook bruiner en hebben een ander patroon.
Nepalfazant
Lophura leucomelanos leucomelanos (ondersoort)
De Nepalfazant is een ondersoort van de Kalijfazant. Het onderscheid zit in subtiele verschillen in de kleur van de onderrug en stuit van het mannetje, die bij de Nepalfazant donkerder is dan bij andere ondersoorten zoals de Witte Kalijfazant (L. l. hamiltoni) die een witte onderrug heeft.
Snelle feiten
- Status in Nederland:
- Exoot, geen wilde populatie
- Dieet:
- Omnivoor
- Broedseizoen:
- Maart-juni
- Nestplaats:
- Grondnest
- Seksueel dimorfisme:
- Zeer uitgesproken
Leuke weetjes
- De Kalijfazant heeft maar liefst negen ondersoorten, die voornamelijk verschillen in de kleur van het verenkleed van het mannetje, met name op de onderrug en stuit.
- Hoewel ze kunnen vliegen, geven Kalijfazanten er de voorkeur aan om te rennen en zich te verstoppen in dichte vegetatie wanneer ze zich bedreigd voelen.
- In sommige delen van hun verspreidingsgebied worden Kalijfazanten gehouden voor de jacht of als siergevogelte, wat heeft geleid tot ontsnappingen en de vestiging van kleine, gelokaliseerde populaties buiten hun oorspronkelijke leefgebied.
Wetenschappelijke classificatie
- Rijk
- Animalia
- Stam
- Chordata
- Klasse
- Aves
- Orde
- Galliformes
- Familie
- Phasianidae
- Geslacht
- Lophura
- Soort
- Lophura leucomelanos
Ontdek de Kalijfazant
Identificeer vogels overal
Gratis op iOS, Android en web. Foto- en geluidsidentificatie, complete soortendatabase en je persoonlijke lijst.