Birdby LogoBirdby
Kerkuil (Tyto alba)

Kerkuil

Niet Bedreigd (Least Concern)

Tyto alba

Vogel gezien? Identificeer hem direct met de Birdby-app

App openen

Over de soort

De Kerkuil is een middelgrote, nachtactieve roofvogel die wereldwijd voorkomt. Hij staat bekend om zijn opvallende hartvormige gezichtssluier en zijn stille vlucht. Het is een zeer efficiënte jager op kleine zoogdieren, met name woelmuizen en spitsmuizen.

Grootte en levensduur

Lengte
33-39 cm
Spanwijdte
80-95 cm
Gewicht
250-400 g (man), 300-500 g (vrouw)
Levensduur
Gemiddeld 1-2 jaar in het wild, tot 15-20 jaar in gevangenschap
Voedsel
Carnivoor (voornamelijk kleine zoogdieren zoals woelmuizen, spitsmuizen, muizen; af en toe kleine vogels, insecten en amfibieën)

Fysieke kenmerken

Verenkleed
Bovenzijde goudbruin tot oranjebruin, vaak met fijne grijze vlekjes en donkere streepjes. Onderzijde wit tot lichtgeel, vaak met kleine donkere vlekjes. De intensiteit van de vlekjes en de geelachtige tint van de onderzijde variëren geografisch en individueel. De gezichtssluier is wit tot crèmekleurig, hartvormig en omrand met een bruine rand.
Snavelvorm
Korte, haakvormige snavel, lichtgeel tot hoornkleurig.
Oogkleur
Donkerbruin tot zwart, relatief klein en diep liggend in de gezichtssluier.
Pootkleur
Lichtbruin tot geelachtig, bedekt met fijne veertjes tot aan de tenen.
Onderscheidende kenmerken
Hartvormige witte gezichtssluier, donkere ogen, lange poten, stille vlucht, lichte onderzijde. Geen oorpluimen.
Uiterlijk jongen
Jonge vogels lijken sterk op volwassen vogels, maar hebben vaak een zachter, donsachtiger verenkleed en kunnen iets minder uitgesproken vlekken hebben. De gezichtssluier is al direct herkenbaar.
Seizoensveranderingen
Geen significante seizoensgebonden veranderingen in het verenkleed.
Geslachtsdimorfisme
Vrouwtjes zijn gemiddeld iets groter en zwaarder dan mannetjes. Vrouwtjes hebben vaak meer en donkerdere vlekjes op de borst en buik dan mannetjes, maar dit is geen absolute regel en kan variëren.

Hoe herken je

  1. 1

    Gezichtssluier

    Let op de kenmerkende hartvormige, witte tot crèmekleurige gezichtssluier. Dit is het meest onderscheidende kenmerk.

  2. 2

    Ogen

    De ogen zijn relatief klein en donkerbruin tot zwart, diep liggend in de gezichtssluier. Dit in tegenstelling tot de gele of oranje ogen van veel andere uilen.

  3. 3

    Verenkleed

    De bovenzijde is goudbruin/oranjebruin met fijne grijze vlekjes, de onderzijde is opvallend wit tot lichtgeel, vaak met kleine donkere vlekjes. De lichte onderzijde is goed zichtbaar in vlucht.

  4. 4

    Vlucht

    De vlucht is stil, zwevend en vaak laag over de grond. De vleugels zijn breed en afgerond.

  5. 5

    Geluid

    Luister naar de kenmerkende, langgerekte, hese snerpende roep ('schriiiiiii').

  6. 6

    Geen oorpluimen

    De Kerkuil heeft een glad, rond hoofd zonder de opvallende oorpluimen die bij soorten als de Ransuil voorkomen.

Leefgebied en verspreiding

Biomen
Graslanden, open landschappen, landbouwgebieden, moerassen, woestijnen, savannes, stedelijke en voorstedelijke gebieden.
Verspreidingsgebied
Vrijwel wereldwijd, afwezig in polaire en woestijngebieden, en enkele oceanische eilanden. Komt voor in Europa, Afrika, Azië, Noord- en Zuid-Amerika en Australië.
Hoogtebereik
Van zeeniveau tot ongeveer 4000 meter, afhankelijk van de regio.
Voorkeursomgevingen
Open gebieden met voldoende dekking en broedgelegenheid, zoals schuren, kerktorens, ruïnes, holle bomen en speciale nestkasten. Vereist een goede beschikbaarheid van prooidieren.

Gedrag

Activiteitstijd
Nocturnaal (nachtactief), jaagt voornamelijk van schemering tot zonsopgang. Kan bij voedseltekort of tijdens het broedseizoen ook overdag actief zijn.
Eetgewoonten
Nachtactieve jager. Jaagt voornamelijk door laag over open terrein te vliegen en te luisteren naar prooien. Heeft een uitzonderlijk gehoor en kan prooien in totale duisternis lokaliseren. Kan ook vanaf een zitplaats jagen. Braakt onverteerbare delen (botjes, haren) uit als braakballen.
Sociaal gedrag
Meestal solitair of in paren tijdens het broedseizoen. Buiten het broedseizoen kunnen ze soms in kleine groepen rusten op geschikte plaatsen.
Vliegpatroon
Stille, zwevende vlucht met langzame, diepe vleugelslagen. Vliegt vaak laag over de grond. De vleugels zijn breed en afgerond.
Trekpatroon
Over het algemeen standvogel in de meeste delen van zijn verspreidingsgebied. In koudere streken kunnen jonge vogels en soms volwassenen korte afstanden trekken bij strenge winters of voedseltekorten.
Territoriaal gedrag
Verdedigt een broedterritorium rond de nestplaats. Jachtgebieden kunnen overlappen met die van andere uilen.

Zang en geluiden

Zang
De Kerkuil heeft geen zang in de traditionele zin. Het meest kenmerkende geluid is een langgerekt, hees, snerpend 'schriiiiiii' of 'krrriiiii', vaak herhaald. Dit wordt gebruikt als contactroep en alarmroep.
Roep
Naast de snerpende roep produceert de Kerkuil ook diverse andere geluiden, waaronder een zacht 'hoo-hoo' (zelden), klikkende geluiden met de snavel (bij bedreiging), en sissende geluiden door jongen in het nest.
Wanneer hij roept
Voornamelijk 's nachts, vooral tijdens de schemering en voor zonsopgang. Ook tijdens het broedseizoen en bij verstoring.

Voortplanting

Broedseizoen
Varieert sterk per regio. In gematigde streken van maart tot augustus, met een piek in april-mei. In tropische gebieden kan het hele jaar door gebroed worden, vaak afhankelijk van de beschikbaarheid van voedsel.
Nestgewoonten
Broedt in donkere, beschutte plaatsen zoals schuren, kerktorens, ruïnes, holle bomen, rotsnissen en speciale nestkasten. Bouwt geen echt nest, maar legt de eieren direct op een laagje braakballen en uitwerpselen.
Legselgrootte
Meestal 4-7 eieren, maar kan variëren van 2 tot 12, afhankelijk van de voedselbeschikbaarheid. Bij overvloedig voedsel kunnen twee broedsels per jaar voorkomen.
Eierbeschrijving
Witte, ovale eieren, zonder vlekken. Glad en glanzend. Gemiddeld 38-46 mm lang en 30-35 mm breed.
Broedperiode
29-34 dagen, voornamelijk door het vrouwtje.
Uitvliegperiode
50-60 dagen. De jongen verlaten het nest, maar worden nog enkele weken door de ouders gevoerd.
Ouderlijke zorg
Beide ouders zorgen voor de jongen. Het vrouwtje broedt en de eerste weken voedt het mannetje haar en de jongen. Later jagen beide ouders om de groeiende jongen te voeden.

Waar te vinden

Schuren en boerderijen

Oude schuren, stallen en andere landbouwgebouwen bieden vaak ideale broed- en rustplaatsen. Let op invliegopeningen.

Kerktorens en ruïnes

Hoge, oude gebouwen met donkere, beschutte ruimtes zijn favoriete plekken.

Nestkasten

Speciaal geplaatste Kerkuilnestkasten in open landschappen zijn vaak succesvol en trekken Kerkuilen aan.

Open landschappen

Jachtgebieden zijn vaak open graslanden, akkers, weiden en moerassen met voldoende kleine knaagdieren.

Veldtips

  1. Zoek 's nachts. De Kerkuil is voornamelijk nachtactief. De beste kans om ze te zien is tijdens de schemering of in de vroege ochtend.
  2. Luister naar geluiden. De snerpende roep is zeer kenmerkend en kan helpen bij het lokaliseren van de uil, zelfs als deze niet zichtbaar is.
  3. Let op braakballen. Onder rust- of broedplaatsen zijn vaak braakballen te vinden. Deze zijn zwart, glanzend en bevatten veel botjes en haren van knaagdieren.
  4. Gebruik een zaklamp (voorzichtig). Bij het zoeken naar rustende uilen in gebouwen kan een zwakke zaklamp helpen, maar verstoor de vogels niet.
  5. Controleer nestkasten. Als er Kerkuilnestkasten in de omgeving zijn, controleer deze dan op tekenen van bewoning (uitwerpselen, braakballen).

Gelijkende soorten

Ransuil

Asio otus

De Ransuil heeft opvallende oorpluimen (die rechtop staan als hij alert is), oranje ogen en een gestreepte onderzijde. De gezichtssluier is minder hartvormig en meer langwerpig. De Kerkuil heeft geen oorpluimen en donkere ogen.

Bosuil

Strix aluco

De Bosuil is robuuster, heeft een ronder hoofd zonder duidelijke gezichtssluier, en grote donkere ogen. Het verenkleed is bruiner en meer gestreept. De Kerkuil is slanker, heeft een hartvormige gezichtssluier en kleinere donkere ogen.

Steenuil

Athene noctua

De Steenuil is veel kleiner, heeft een gedrongen bouw, felgele ogen en een afgeplat hoofd. Hij is vaak overdag actief. De Kerkuil is groter, slanker en strikt nachtactief met donkere ogen.

Snelle feiten

Nachtactief:
Ja
Dieet:
Kleine zoogdieren
Gezichtssluier:
Hartvormig
Ogen:
Donker
Geluid:
Snerpend 'schriiiiiii'
Broedplaatsen:
Schuren, kerktorens, nestkasten

Leuke weetjes

  • De Kerkuil heeft een van de meest asymmetrische oren van alle dieren, wat hem helpt om prooien in totale duisternis te lokaliseren door geluidsverschillen tussen de oren te detecteren.
  • Een Kerkuilfamilie kan in één broedseizoen meer dan 1000 knaagdieren vangen, wat hen tot waardevolle natuurlijke plaagbestrijders maakt voor boeren.
  • De Kerkuil is een van de meest wijdverspreide vogelsoorten ter wereld en komt voor op alle continenten behalve Antarctica.
  • De wetenschappelijke naam 'Tyto alba' betekent 'witte uil', verwijzend naar de lichte onderzijde van de vogel.
  • In sommige culturen wordt de Kerkuil geassocieerd met wijsheid, terwijl hij in andere culturen als een voorteken van de dood werd gezien, mede door zijn spookachtige uiterlijk en geluid.

Wetenschappelijke classificatie

Rijk
Animalia
Stam
Chordata
Klasse
Aves
Orde
Strigiformes
Familie
Tytonidae
Geslacht
Tyto
Soort
Tyto alba

Ontdek de Kerkuil

Identificeer vogels overal

Gratis op iOS, Android en web. Foto- en geluidsidentificatie, complete soortendatabase en je persoonlijke lijst.

Openen in app