Vogel gezien? Identificeer hem direct met de Birdby-app
App openenOver de soort
De Gierzwaluw is een middelgrote, volledig donkere vogel die bekend staat om zijn uitzonderlijke vliegvermogen. Hij brengt vrijwel zijn hele leven vliegend door, inclusief slapen, paren en voedsel zoeken. Het is een zomergast in Europa en Azië, die overwintert in Afrika.
Grootte en levensduur
- Lengte
- 16-17 cm
- Spanwijdte
- 42-48 cm
- Gewicht
- 35-56 g
- Levensduur
- Gemiddeld 5-6 jaar, maximaal 21 jaar
- Voedsel
- Insectivoor
Fysieke kenmerken
- Verenkleed
- Volledig roetzwart tot donkerbruin, met uitzondering van een kleine, onopvallende, vuilwitte keelvlek. De veren hebben een lichte metaalglans die in bepaald licht zichtbaar kan zijn.
- Snavelvorm
- Kleine, platte, zwarte snavel die wijd geopend kan worden om insecten te vangen tijdens de vlucht.
- Oogkleur
- Donkerbruin tot zwart
- Pootkleur
- Zeer korte, zwarte poten met alle vier de tenen naar voren gericht (pamprodactyl), ideaal om zich vast te klampen aan verticale oppervlakken, maar ongeschikt om te lopen of te landen op de grond.
- Onderscheidende kenmerken
- Sikkelvormige vleugels (lange, smalle, gebogen vleugels), korte gevorkte staart (minder diep gevorkt dan die van zwaluwen), snelle en krachtige vlucht met afwisselend snelle vleugelslagen en glijvluchten. De keelvlek is vaak moeilijk te zien op afstand.
- Uiterlijk jongen
- Juvenielen lijken sterk op volwassenen, maar hebben vaak een iets prominentere en wittere keelvlek en een smallere, minder diep gevorkte staart. De veren kunnen ook een iets frissere, donkerdere uitstraling hebben met een subtiele lichte rand aan de slagpennen.
- Seizoensveranderingen
- Geen seizoensgebonden veranderingen in het verenkleed.
- Geslachtsdimorfisme
- Geen significant seksueel dimorfisme; mannetjes en vrouwtjes zijn identiek in verenkleed en grootte.
Hoe herken je
- 1
Vorm en silhouet
Let op de kenmerkende sikkelvormige vleugels en de korte, licht gevorkte staart. In vlucht lijkt het een vliegende boemerang of pijl.
- 2
Kleur
Volledig donkerbruin tot roetzwart, met alleen een kleine, vaak onzichtbare, lichte keelvlek. Geen wit op de stuit of onderzijde.
- 3
Vluchtpatroon
Zeer snelle, krachtige vlucht met afwisselend snelle vleugelslagen en lange glijvluchten. Vliegt zelden rechtlijnig, maar maakt veel scherpe bochten en duikvluchten.
- 4
Geluid
Het schelle, gierende 'sriii-sriii' is zeer kenmerkend en vaak het eerste wat opvalt, vooral wanneer ze in groepen vliegen.
- 5
Gedrag
Gierzwaluwen landen vrijwel nooit, behalve bij het nest. Ze zijn vaak te zien in groepen die luidruchtig rond gebouwen vliegen.
Leefgebied en verspreiding
- Biomen
- Stedelijke gebieden, dorpen, kliffen, rotsachtige kusten, open landschappen met toegang tot gebouwen of rotsformaties voor nestgelegenheid.
- Verspreidingsgebied
- Broedt in vrijwel heel Europa en grote delen van Azië. Overwintert in Sub-Sahara Afrika.
- Hoogtebereik
- Van zeeniveau tot ongeveer 2000 meter in bergachtige gebieden, afhankelijk van de beschikbaarheid van nestplaatsen en voedsel.
- Voorkeursomgevingen
- Vooral menselijke nederzettingen met hoge gebouwen, kerktorens, bruggen en andere structuren die geschikte holtes bieden voor nesten. Ook rotswanden en kliffen in natuurlijke omgevingen.
Gedrag
- Activiteitstijd
- Diurnaal, maar is het meest actief in de schemering en vroege ochtend, en tijdens warme dagen wanneer insecten volop vliegen.
- Eetgewoonten
- Vangt vliegende insecten (vliegende mieren, muggen, kevers, spinnen) in de lucht. Vliegt vaak in groepen en jaagt op 'luchtplankton'. Kan grote afstanden afleggen om voedsel te vinden, vooral bij slecht weer.
- Sociaal gedrag
- Zeer sociaal, vooral tijdens het broedseizoen. Broedt in kolonies en jaagt vaak in grote groepen. Vormt 'schreeuwgroepen' die luidruchtig door straten en rond gebouwen vliegen, vooral in de avonduren.
- Vliegpatroon
- Extreem snel, wendbaar en krachtig. Kenmerkend zijn de snelle, trillende vleugelslagen afgewisseld met lange, elegante glijvluchten. Vliegt vaak hoog, maar daalt af om te jagen. Kan snelheden tot 110 km/u bereiken.
- Trekpatroon
- Langeafstandstrekker. Arriveert in Europa in april/mei en vertrekt in juli/augustus naar Afrika. De trek is snel en direct, vaak over grote afstanden zonder te landen.
- Territoriaal gedrag
- Territoriaal rond de nestplaats, maar niet in de foerageergebieden. Koloniebroeder.
Zang en geluiden
- Zang
- De Gierzwaluw heeft geen complexe zang. Zijn vocalisaties bestaan voornamelijk uit een kenmerkend, schel, gierend 'sriii-sriii-sriii' of 'sviii-sviii-sviii' geluid, vaak in snelle reeksen herhaald. Dit geluid wordt vaak geassocieerd met de 'schreeuwgroepen' die door de lucht vliegen.
- Roep
- De roep is hetzelfde als de 'zang': een hoog, schel, gierend 'sriii' of 'sviii'. Dit geluid wordt zowel in de vlucht als bij de nestplaats geuit.
- Wanneer hij roept
- Vooral tijdens de vlucht, met name in de vroege ochtend, late avond en tijdens het broedseizoen wanneer ze in groepen rond hun broedkolonies vliegen.
Voortplanting
- Broedseizoen
- Mei tot juli in Europa.
- Nestgewoonten
- Nestelt in kolonies in holtes in gebouwen (onder dakpannen, in spouwmuren, onder dakgoten), in rotsspleten of boomholtes. Het nest is een ondiepe kom gemaakt van plantaardig materiaal, veren en ander zwevend materiaal, samengeplakt met speeksel.
- Legselgrootte
- 1-4 eieren, meestal 2-3.
- Eierbeschrijving
- Meestal 2-3 (soms 1 of 4) witte, langwerpige eieren zonder vlekken. Gemiddelde grootte: 24-26 x 16-17 mm.
- Broedperiode
- 19-20 dagen, door beide ouders.
- Uitvliegperiode
- 38-56 dagen, afhankelijk van de beschikbaarheid van voedsel. De jongen zijn bij het uitvliegen volledig zelfstandig.
- Ouderlijke zorg
- Beide ouders broeden en voeren de jongen. Ze brengen voedsel in de vorm van een bolletje insecten, samengehouden door speeksel.
Waar te vinden
Stedelijke gebieden
Zoek naar Gierzwaluwen in steden en dorpen, vooral rond oude gebouwen, kerktorens, hoge flats en bruggen waar ze nestelen.
Open lucht
Kijk omhoog op warme, zonnige dagen, vooral in de late middag en vroege avond. Ze jagen vaak hoog in de lucht op insecten.
Kustgebieden en kliffen
In natuurlijke omgevingen kunnen ze nestelen in rotsspleten langs kusten of in bergachtige gebieden.
Veldtips
- Luister naar het geluid. Het kenmerkende gierende geluid is vaak de beste indicator van hun aanwezigheid, zelfs voordat je ze ziet.
- Kijk omhoog in de schemering. Gierzwaluwen zijn vaak het meest actief en luidruchtig in de uren voor zonsondergang, wanneer ze in 'schreeuwgroepen' rond hun broedplaatsen vliegen.
- Let op de vorm. De sikkelvormige vleugels en het volledig donkere silhouet zijn onmiskenbaar, zelfs op grote afstand.
- Zoek naar kolonies. Als je eenmaal een broedkolonie hebt gevonden, zul je ze regelmatig zien in de buurt van de nestplaatsen.
Gelijkende soorten
Huiszwaluw
Delichon urbicum
De Huiszwaluw is kleiner, heeft een opvallende witte stuit en een dieper gevorkte staart. De onderzijde is wit, in tegenstelling tot de volledig donkere Gierzwaluw. De vlucht is minder krachtig en meer fladderend.
Boerenzwaluw
Hirundo rustica
De Boerenzwaluw is slanker, heeft een glanzend blauwzwarte bovenzijde, een roodbruine keel en een zeer lange, diep gevorkte staart met lange staartpennen. De vlucht is sierlijker en minder strak dan die van de Gierzwaluw.
Alpengierzwaluw
Tachymarptis melba
De Alpengierzwaluw is aanzienlijk groter dan de Gierzwaluw en heeft een opvallende witte buik en keel, gescheiden door een donkere borstband. De vleugels zijn breder en de vlucht is langzamer en majestueuzer.
Snelle feiten
- Snelheid:
- Kan snelheden tot 110 km/u bereiken in horizontale vlucht.
- Vliegduur:
- Brengt 99% van zijn leven vliegend door, inclusief slapen en paren.
- Voedsel:
- Eet uitsluitend vliegende insecten, ook wel 'luchtplankton' genoemd.
- Migratie:
- Langeafstandstrekker, vliegt duizenden kilometers tussen broed- en overwinteringsgebieden.
- Nestplaats:
- Nestelt in holtes in gebouwen of rotswanden.
Leuke weetjes
- Gierzwaluwen kunnen slapen tijdens het vliegen. Ze doen dit door op grote hoogte te stijgen en vervolgens langzaam te dalen terwijl ze in een soort 'zweefvlucht' rusten.
- Een Gierzwaluw kan in één dag tot wel 20.000 insecten vangen, wat essentieel is voor de bestrijding van plagen.
- De wetenschappelijke naam 'Apus apus' betekent 'geen voet' of 'voetloos', verwijzend naar hun extreem korte pootjes die ongeschikt zijn om te lopen.
- Jonge Gierzwaluwen kunnen tot wel drie dagen zonder voedsel overleven in het nest als de ouders door slecht weer geen insecten kunnen vangen. Ze gaan dan in een soort 'torpor' of verdoving.
- Gierzwaluwen zijn een van de laatste zomergasten die in het voorjaar arriveren en een van de eersten die in de zomer weer vertrekken, wat hun sterke band met het insectenaanbod benadrukt.
Wetenschappelijke classificatie
- Rijk
- Animalia
- Stam
- Chordata
- Klasse
- Aves
- Orde
- Apodiformes
- Familie
- Apodidae
- Geslacht
- Apus
- Soort
- Apus apus
Ontdek de Gierzwaluw
Identificeer vogels overal
Gratis op iOS, Android en web. Foto- en geluidsidentificatie, complete soortendatabase en je persoonlijke lijst.
